
Even zitten. Maar je hoofd gaat door.
Na een volle dag plof je op de bank. Om je heen ligt speelgoed en de schone was wacht nog op je. Je begint alvast te vouwen, terwijl je denkt aan alles wat morgen weer moet. Zelfs nu je zit, kom je niet tot rust.
Je houdt veel ballen in de lucht en wilt niemand tekortdoen. Maar waar blijf jij zelf? Je verlangt naar een moment voor jezelf, zonder het gevoel dat je nog iets moet.


